De kern in het kort

De Cao Kraamzorg 2024-2026 bepaalt dat reistijd tussen verschillende zorginzetten of cliënten als arbeidsduur geldt. Die tijd telt dus mee in de dienst, de arbeidsomvang en de toets op werk- en rusttijden. Daarnaast bestaat recht op vergoeding van de reiskosten volgens de cao.

Reizen rechtstreeks van huis naar een cliënt kent in artikel 6.2 een eigen kilometervergoeding. De cao noemt die vergoeding, maar een kostenvergoeding beslist niet automatisch hoe ieder reisuur arbeidsrechtelijk moet worden behandeld. Leg daarom per route vast of het woon-werkverkeer, arbeidsduur of een incidentele dienstreis is en verwerk tijd en kosten als twee afzonderlijke gegevens.

  • Cliënt naar cliënt of tussen zorginzetten: reistijd is volgens de cao arbeidsduur.
  • Huis naar cliënt: artikel 6.2 regelt een sectorspecifieke kilometervergoeding.
  • Vaste werklocatie naar cliënt of andere locatie: artikel 6.3 verwijst voor de kosten naar de cao-vergoeding.
  • Reisduur en reiskosten moeten apart worden geregistreerd; één kilometerregel dekt niet beide vragen.

Begin met twee vragen: tijd en kosten

De eerste vraag is of de reis deel uitmaakt van de arbeidsduur. Dat is relevant voor loon, contracturen, plus- en minuren, maximale dienstlengte en rust. De tweede vraag is welke kosten de werkgever vergoedt. Dat gaat over kilometers, openbaar vervoer, parkeren, tol of een beschikbaar gesteld vervoermiddel.

Deze vragen kunnen tegelijk met ja worden beantwoord. De reistijd tussen twee cliënten is arbeidsduur én de medewerker ontvangt een reiskostenvergoeding. Andersom maakt een netto kilometervergoeding een reis niet vanzelf tot arbeidsduur. Gebruik daarom geen enkele generieke code ‘reistijd’ in rooster en salarisadministratie zonder de route te kennen.

Tussen cliënten telt de reis mee in de dienst

Artikel 4.7 lid 13 van de cao bepaalt dat reistijd tussen verschillende zorginzetten of cliënten als arbeidsduur geldt. De actuele vraag-en-antwoordpagina van de cao bevestigt dit expliciet. Voor een ambulant werkende kraamverzorgende telt de reis naar een volgend gezin dus mee in de maximale duur van de dienst en in de gewerkte uren.

Plan deze tijd vóórdat een tweede inzet wordt toegewezen. Een rooster waarin gezin A eindigt op hetzelfde moment dat gezin B begint, verplaatst de reistijd buiten beeld en kan de feitelijke dienst langer maken dan de planning toont. Voeg ook noodzakelijke overdracht en onvermijdbare routevariatie niet stilzwijgend aan de eigen tijd van de medewerker toe.

Huis-cliënt en vaste locatie vragen een andere code

Artikel 6.2 regelt voor medewerkers die rechtstreeks van huis naar cliënten reizen een tegemoetkoming van € 0,21 netto per afgelegde kilometer. Vanaf 23 kilometer per dag noemt de cao € 0,26 netto per afgelegde kilometer. Parkeer-, tol- en veerkosten worden volgens dat artikel volledig vergoed, met bewijs wanneer de werkgever daarom vraagt.

Werkt een medewerker op een vaste aangewezen werklocatie en reist zij vandaar naar een cliënt of andere aangewezen locatie, dan verwijst artikel 6.3 voor de kosten van die verdere reis naar artikel 6.2. Houd de eerste woon-werkreis en de daaropvolgende dienstreis administratief uit elkaar. De cao-vraag en antwoord noemt de reis naar of van het werk woon-werkverkeer, terwijl reizen naar een volgend gezin tijdens de dienst wel meetelt als werktijd.

Laat reistijd doorwerken in rust en inzetbaarheid

De cao stelt de werktijden vast binnen de grenzen van de Arbeidstijdenwet en noemt in beginsel maximaal tien uur per dienst, met een incidentele mogelijkheid tot twaalf uur. Omdat cliënt-cliëntreizen arbeidsduur zijn, moeten zij in dezelfde optelsom staan als zorg, digitale werkzaamheden en overige opgedragen arbeid.

Een planner kan een open zorgvraag daarom niet alleen toetsen aan beschikbare zorguren. Ook de route vanaf de voorafgaande inzet, mogelijke uitloop en de rust vóór en na de dienst zijn relevant. Een geografisch passende toewijzing kan zowel continuïteit als herstel verbeteren zonder de arbeidsrechtelijke grens te veranderen.

Maak de registratie controleerbaar zonder rittenboek-overkill

Leg per relevante reis minimaal vertrekcategorie, bestemmingcategorie, datum, kilometers en de tijd die als arbeidsduur geldt vast. Een exacte cliëntnaam is voor HR- en loonverwerking meestal niet nodig; een inzet- of route-ID kan volstaan. Beperk toegang tot locatiegegevens en bepaal vooraf hoe lang detailgegevens voor looncontrole en declaratie nodig blijven.

Laat planning, urenregistratie en salarisadministratie maandelijks op elkaar aansluiten. Controleer steekproefsgewijs of cliënt-cliënttijd als arbeidsduur is geboekt, of de juiste kostencategorie is gebruikt en of parkeer- of tolkosten niet in een algemene kilometervergoeding verdwijnen.

Controleer de cao opnieuw na 31 augustus 2026

De Cao Kraamzorg 2024-2026 loopt volgens de cao-partijen tot en met 31 augustus 2026. Deze publicatie beschrijft de regels zoals gecontroleerd op 18 augustus 2026. Controleer voor reizen vanaf 1 september de actuele cao-status, eventuele nieuwe bedragen en overgangsafspraken.

Pas bedragen of codes niet vooruitlopend op onbevestigde afspraken aan. Bewaar bij iedere salarisperiode welke cao-versie en kilometerbedragen zijn toegepast, zodat een latere wijziging gericht kan worden verwerkt.

Werkgeverscheck

Een goede reisregistratie maakt zichtbaar wanneer iemand werkt, welke kosten worden vergoed en of de route binnen een uitvoerbare dienst past.

  • Zijn huis-werklocatie, huis-cliënt, locatie-cliënt en cliënt-cliënt aparte routecategorieën?
  • Wordt cliënt-cliëntreistijd als arbeidsduur in dienst en contracturen opgenomen?
  • Sluiten kilometer-, parkeer-, tol- en veerkosten aan op de juiste cao-bepaling?
  • Bevat het rooster realistische routeblokken vóór een volgende zorginzet?
  • Worden tijdregistratie, kostenvergoeding en salarisverwerking periodiek vergeleken?
  • Staat een hercontrole van cao en bedragen per 1 september 2026 gepland?

Bronnen

Bronnen voor het laatst gecontroleerd op 18 augustus 2026.