De kern in het kort

De Inspectie Gezondheidszorg en Jeugd concludeert op basis van toezicht in 2025 dat kraamverzorgenden over het algemeen goede zorg leveren, maar dat het capaciteitstekort groter wordt en langer aanhoudt. Wachtlijsten groeien en sommige samenwerkingsverbanden hebben moeite om zelfs het minimumaantal uren te leveren.

Het Zorginstituut vermeldt dat cliënten in beginsel minimaal 24 en maximaal 80 uur kraamzorg ontvangen, maar dat een tekort aan kraamverzorgenden ertoe kan leiden dat minder uren worden geleverd dan vastgesteld. Capaciteitsbesluiten raken daarmee direct de uitvoerbaarheid en passendheid van zorg.

Wat de inspectie feitelijk ziet

De IGJ bezocht in 2025 zes kraamzorgaanbieders en sprak daarnaast met vijf grote aanbieders en vijf kraamzorgsamenwerkingsverbanden. De inspectie beschrijft dat het tekort niet meer alleen een zomerpiek is, dat het aantal regio’s met wachtlijsten groeit en dat capaciteit niet overal actueel en regionaal inzichtelijk is.

De inspectie signaleert ook dat gezinnen in een kwetsbare situatie relatief harder kunnen worden geraakt. Zij melden zich soms later aan en komen dan op een wachtlijst, terwijl juist daar de ondersteuningsbehoefte groot kan zijn. Een verdeelregel die alleen op aanmeldmoment of administratieve eenvoud stuurt, kan daarom onbedoeld ongelijke uitkomsten veroorzaken.

Maak onderscheid tussen drie beslisniveaus

Dagplanning, organisatiecapaciteit en regionale verdeling zijn verschillende vraagstukken. De planner kan geen structureel formatieprobleem oplossen en één aanbieder kan geen volledig regionaal beeld creëren zonder afspraken met andere partijen.

  • Dag: welke cliënt krijgt welke beschikbare medewerker binnen de afgesproken kaders?
  • Organisatie: welke basisformatie, flexruimte, opleidingscapaciteit en herstelruimte zijn nodig?
  • Regio: hoe worden wachtlijsten, beschikbare uren en overdracht tussen aanbieders betrouwbaar gedeeld?

Van impliciete afschaling naar expliciet beleid

Leg vóór een piek vast wanneer de bezetting normaal, krap of kritiek is en welke besluiten bij elk niveau horen. Beschrijf wie mag besluiten, welke gegevens nodig zijn, welke groepen extra aandacht vragen en hoe de afweging wordt gedocumenteerd. Zo voorkom je dat dezelfde schaarste per planner of per dienst anders wordt behandeld.

Neem naast openstaande zorg ook signalen over het personeel op: overwerk, opeenvolgende wachtdiensten, gemiste rust, ongewenste contractuitbreiding, verzuim en uitstroom. Een rooster dat vandaag sluit door toekomstige uitval te vergroten, is geen duurzame capaciteitsoplossing.

Kwaliteit begrenst productiviteit

De kwaliteitsstandaard beschrijft onder meer ondersteuning, observatie, voorlichting, risicosignalering en afstemming met de verloskundige. Minder uren of meer overdrachten kunnen die functies raken. Beoordeel een capaciteitsmaatregel daarom niet alleen op aantallen cliënten of uren, maar ook op welke zorgtaken nog verantwoord uitvoerbaar zijn.

Digitale ondersteuning kan bepaalde informatieoverdracht of voorlichting ondersteunen, maar vervangt niet automatisch de professionele observatie of risicosignalering in een gezin. Maak per toepassing duidelijk welk probleem de digitale vorm oplost en welke zorgfunctie menselijk beschikbaar moet blijven.

Werkgeverscheck

Een bruikbaar capaciteitskader bevat ten minste de volgende controles.

  • Is er één actueel beeld van beschikbare medewerkersuren, kwalificaties, wachtdiensten en herstelruimte?
  • Zijn normale, krappe en kritieke bezetting objectief omschreven?
  • Is vastgelegd wie over afschaling en regionale overdracht beslist?
  • Worden kwetsbaarheid, zorginhoudelijke noodzaak en bestaande wachtduur aantoonbaar meegewogen?
  • Worden effecten op overwerk, verzuim, uitstroom, overdrachten en niet-geleverde uren gevolgd?
  • Is met regionale partners afgesproken welke gegevens worden gedeeld, met welk doel en onder wiens verantwoordelijkheid?

Bronnen

Bronnen voor het laatst gecontroleerd op 10 augustus 2026.